Kom je als OKT-medewerker wel eens jonge mantelzorgers tegen? Die vraag stelden we aan Jamila Ait Boubker, ouder- en kindadviseur in stadsdeel Noord. “Zeker!”, zegt ze, “er zijn in Amsterdam veel kinderen die opgroeien met zorgsituaties in hun gezin. Bijvoorbeeld als er sprake is van een zieke ouder, of een broertje of zusje met een psychische ziekte of beperking. Maar ze praten er niet gemakkelijk over.” 
 
Welke invloed heeft het, als er in een gezin sprake is van een ziekte of een beperking? 
Jamila: “Je ziet dat het hele gezin voor elkaar klaar staat. Taken worden onderling verdeeld: de ene dag gaat de ene zoon met moeder mee naar het ziekenhuis, de andere dag de ander. Ze moeten het echt samen doen. Het is vaak een hecht team. Maar er zijn ook zorgen. Juist in die situaties kom ik in beeld. Denk aan angst, te weinig kind kunnen zijn, schaamte, geldproblemen en schoolverzuim. Dat is de minder mooie kant van opgroeien met zorg: het kan de kinderen in het gezin op een achterstand zetten en tot kansongelijkheid leiden. 

Bij Markant merken we dat jonge mantelzorgers niet snel hulp vragen. Herken je dat? 
Jamila denkt na. “Ik heb op dit moment een aantal jongeren in beeldEn nu je het zegt, die zijn inderdaad allemaal op initiatief van school bij me gekomen. Omdat de resultaten ineens achteruit gaan of omdat er zorgen zijn over de thuissituatie. En dan kom je erachter dat er thuis een ouder ziek is.  

Hoe zouden we jonge mantelzorgers beter in beeld kunnen krijgen?
Ik hoop dat de huisarts hierin ook een rol kan spelen: dat de huisarts bij ernstige of chronische ziekte of beperking altijd kijkt of er ook (andere) kinderen in het gezin zijn, en wat zij nodig hebben. Als de huisarts het zorgvuldig introduceert, kan het Ouder- en Kindteam het gezin goed ondersteunen.”

Wat kun je als ouder- en kindadviseur voor jonge mantelzorgers betekenen?
Je gaat in gesprek. En vraagt bijvoorbeeld: ‘Hoe komt het dat je zo veel school mist? Goed dat je verantwoordelijkheid neemt, maar het zou geen belasting moeten worden. Wat kunnen we doen om het voor jou in balans te houden? Wat is voor jou leuk of belangrijk om te blijven doen? Vaak is het normaal geworden dat een kind veel zorg verleent. Het kan dan een eyeopener zijn om ook eens op een andere manier naar de situatie te kijken. Ook ouders krijgen meer inzicht. In sommige culturen is het vanzelfsprekend dat kinderen voor ouders zorgen. Maar ook deze ouders willen dat hun kind gewoon kind kan zijn. Wij helpen hen om dat weer in beeld te brengen.”

Hoe pak je dat in de praktijk aan?
Je denkt mee, je kijkt mee: wat speelt er, welke instantie zou kunnen helpen? En je maakt met de jongere een planning: hoe ga je het deze week doen? Dat geeft overzicht. Dat helpt. En je probeert de ouders zoveel mogelijk te betrekken, zodat je het samen kunt doen.” In de praktijk gaat dat echter niet vanzelf. Jamila vertelt hoeveel moeite het soms kost om een jongere in een gesprek te krijgen. Jongeren zijn vaak nogal gesloten over de thuissituatie, helemaal als het gaat over een familielid dat ziek is. Soms schamen ze zich ervoor, of zijn ze er onzeker over of ze er wel over mógen praten. 

Wat doe je, om toch aansluiting te krijgen?  
“Allereerst probeer ik zo transparant mogelijk te zijn. Over de aanleiding van het gesprek, bijvoorbeeld. En informeer ik, met medeweten van en in overleg met de jongere, ook de ouders over het gesprek. Ook ben ik eerlijk over wat ik wel en niet kan doen. Ten tweede helpt het als ik mijzelf ook open opstel, en bijvoorbeeld ook een privé-ervaring deel. En ten derde spreek ik vaak met jongeren buiten af, niet op school of kantoor. Dan gaan we naar een speeltuin, of trappen we een balletje. Dat geeft meer lucht. 

En dan?
Dan krijg je een inkijkje in het gezinsleven. Zoveel culturen, zoveel verschillende normen en waarden. Je probeert zo goed mogelijk aan te sluiten bij het gezin. Soms kom je situaties tegen waarvan je schrikt, waarin een kind bijvoorbeeld al van kleins af aan voor een ouder zorgt en nu in de knel komtSituaties waarin echt hulp van buitenaf nodig is. Belangrijk is dan om het hele gezin mee te nemen. Je luistert naar alle verhalen. Verplaatst je in het kind én in de ouder en probeert voor beiden begrip te tonen. Alleen dan lukt het om samen om de tafel te gaan en te bespreken wat er nodig is om de situatie te veranderen… Liever werk je preventief: hoe eerder wij betrokken worden, hoe meer we samen kunnen voorkomen dat het misloopt.

In Amsterdam kunnen ouders met al hun vragen over hun kind en het gezin terecht bij een Ouder- en Kindteam in de wijk. Ook als er sprake is van zorg of ziekte in het gezin. Voor meer informatie, kijk op de website van Ouder- en Kindteams Amsterdam of bel 020 555 59 61.