Samenvatting presentatie door Maria Hoeffnagel, preventiemedewerker bij Prezens, onderdeel van GGZ in Geest tijdens de bijeenkomst Rouw en Verlies voor zorgprofessionals, georganiseerd door Markant i.s.m. Prezens op 8 maart 2016.  

Theorieën over rouw en verlies  
Bij rouwen denken we aan de dood. Maar we rouwen ook bij andere verlieservaringen, zoals scheiding en ontslag. Ook gezondheidsverlies, verlies van contact zoals het was (dementie, NAH, psychiatrie), verlies van perspectief… Dit zijn allemaal verlieservaringen van mantelzorgers.

Over rouwen zijn verschillende theorieën ontwikkeld. De bekendste is het fasemodel van Kübler-Ross. Deze theorie gaat uit van 5 fases in het rouwproces:

  • Fase 1: ontkenning (het is niet waar, het is niet echt gebeurd)
  • Fase 2: woede (ik wil niet dat het waar is)
  • Fase 3: onderhandelen (als ik dit of dat doe, voel of denk, dan is het misschien niet gebeurd)
  • Fase 4: depressie (als het waar is, dan heeft het leven geen zin)
  • Fase 5: aanvaarding (ja, het is waar)

Een andere theorie komt van William Worden. Hij heeft een theorie ontwikkeld met actieve taken van degene die rouwt. Dit ziet er als volgt uit:

  • Taak 1: acceptatie van de realiteit of verlies
  • Taak 2: het ervaren en doorwerken van de pijn van het verlies
  • Taak 3: zich aanpassen aan een omgeving die voor altijd veranderd is
  • Taak 4: het verlies emotioneel een plaats geven en verder gaan met het leven.

Tot slot werken we nu vooral met de ‘nieuwe visie’ op rouw. Die gaat uit van een duaal proces, met een verlieskant en een herstelkant. Rouw beweegt zich tussen het verdriet en het doorleven.  Verwezen wordt naar de boeken van Johan Maes, waarin meer te lezen is over het duale proces.

Als je rouwt, rouw je met:

  • je lichaam;
  • je gevoel;
  • je gedachten;
  • je gedrag;

Alles doet mee als je rouwt.

Ieder rouwproces is uniek 
Ieder rouwproces is uniek. Elke verlieservaring is anders. Veerkracht, omstandigheden, lijf, gevoel, gedachte, gedrag, moment in je levensloop, rouwcultuur; dat zijn allemaal aspecten die meespelen bij hoe je rouwt.
Rouwen hoort bij het leven. Het is de keerzijde van houden van. Hechting is de kern van het rouwproces. Hoe gehecht ben je aan de ander? Bij rouw gaat het niet zozeer om het uiten van al je emoties, maar ook om het reguleren van die emoties. Dus: niet overspoeld blijven en anderzijds niet alle emotionele uitingen blokkeren.
De opvatting bij rouw is vaak: je moet loslaten. Maar je laat niet los, je blijft in verbinding. Je verbindt je eigenlijk opnieuw. Maria herinnert zich de uitspraak van een moeder met een volwassen dochter met een persoonlijkheidsstoornis. Zij zei: “Ik heb mijn dochter nooit losgelaten. Ik heb haar anders leren vasthouden.”
Het is iets wat je meeneemt in het leven. Verliezen geeft ook betekenis aan het leven.
Rouwen stopt nooit. Het is een levenslang proces, bijvoorbeeld bij ongewenste kinderloosheid. Het is een levenslang proces van betekenis geven.

Toepassingen in de praktijk
Maria Hoeffnagel licht toe hoe zij de theorie van rouw en verlies toepast in de praktijk, bij de ondersteuning van mantelzorgers. Ze vertelt over een vrouw die getrouwd was geweest met een man met psychiatrische problematiek. Samen hadden ze twee volwassen kinderen. De vrouw kreeg een nieuwe relatie. Door de nieuwe partner ervaart ze geluk en verdriet. Waarom verdriet? Dit vond ze verwarrend. Maria duidt: “De nieuwe partner betekent dat het met haar ex-man definitief voorbij is. Ze rouwt om wat er niet heeft kunnen zijn. Om de ziekte van haar ex-man. Om de relatie die niet heeft kunnen blijven door zijn ziekte.”

Nog een voorbeeld: van ouders van rond de 70 met een dochter van 45 met psychiatrische problemen. Ze hebben verdriet om de ziekte van hun dochter, die als gevolg daarvan niet kan werken, geen sociale contacten heeft, en alleen met begeleiding zelfstandig kan wonen. Ze bewegen tussen het verdriet om hun dochter en het doorgaan van het eigen leven. Op vakantie zijn en andere momenten van erop uit gaan helpen om door te gaan. Dat zijn de dingen aan de herstelkant.

“Door die dingen uit elkaar te halen: het verdriet dat je om de ziekte hebt, en de dingen die je kunt doen, uit elkaar te halen, kun je meer grip op de situatie krijgen. Dat helpt.”

Maria geeft nog een voorbeeld: een broer van een vrouw die een suïcidepoging heeft ondernomen en zelf een gezin heeft met jonge kinderen. Hij heeft het idee dat hij zijn zus én zijn gezin tekort doet. Als hij bij zijn zus is, voelt hij zich schuldig naar zijn gezin toe. Als hij bij zijn gezin is, voelt hij zich schuldig naar zijn zus toe.
Maria vertelt: “Dan teken ik de twee lijnen van het duale proces, met de verdrietkant en de doorleefkant. En dan kunnen we uit elkaar halen: wat is je verdriet en wat zou je willen doen? Het is een mooi handvat om inzicht te geven. Het heeft hem houvast dat beide kanten (verdriet en doorleven) er mogen zijn.

Boekentips

  • Paul Boelen, Een ander verlies… andere rouw? Verzamelde artikelen uit de LSR-Nieuwsbrief. Landelijke Stichting Rouwbegeleiding.
  • Sjef van Bommel, Ik ben niet kwijt; Wat er gebeurt als je de liefde van je leven langzaam kwijtraakt aan dementie. Prometheus.
  • Ernst Buning, Lichtbundel; Inspiratie voor mantelzorgers.
  • Roet Fiddelaers-Jaspers & Sabine Noten, Herbergen van verlies; Thuiskomen in het Land van Rouw. In de wolken.
  • Janneke Harmsen – de Boer, Dan wappert mijn hart naar je toe; Liefde in tijden van Alzheimer. Vangennep Amsterdam.
  • Michael Ignatieff, Reis naar het ongerijmde; Roman. Cossee.
  • Manu Keirse, Vingerafdruk van verdriet; Woorden van bemoediging. Lannoo.
  • Karin Kuiper, Wat kan ik voor je doen?; Steunen bij rouw. Terra.
  • Johan Maes & Evamaria Jansen, Ze zeggen dat het overgaat; Leven met rouw en verdriet. Witsand Uitgevers.
  • Johan Maes, Gehavend; Notities voor eigen-wijs rouwen. Witsand Uitgevers.
  • Edwin van Meekeren & Jan Baars, Psychische stoornissen en naastbetrokkenen; Een praktijkboek voor behandelaars. Boom.
  • Edwin Mortier, Gestameld liedboek. Moedergetijden.
  • Ina Sipkes de Smit, Nu jij ziek bent; Gedichten voor kinderen.