Een dag uit het leven van Roos ten Cate, die sinds mei 2026 coördinator Informele Respijtzorg is bij Markant. Op de fiets crost zij door haar stadsdelen Zuid en Oost, waar ze op huisbezoek gaat bij mantelzorgers en hun zorgvrager.

“Mijn werkdag begint op de fiets – vanaf Nieuw-West fiets ik naar het centrum, naar het kantoor van Markant. Terwijl ik door het Vondelpark fiets, maak ik alvast een planning voor mijn dag. Eerst teamoverleg, daarna wat bureauwerk, en vervolgens weer op de fiets richting stadsdeel Oost voor twee huisbezoeken.

Als ik op kantoor ben aangekomen, check ik eerst mijn e-mails en berichten. Er zijn onder andere wat reacties binnengekomen op vrijwilligersvacatures, die verplaats ik meteen naar mijn to-do lijstje voor die ochtend. Maar eerst het teamoverleg. Elke week komen de coördinatoren IR bij elkaar om de belangrijkste gebeurtenissen en ontwikkelingen met elkaar te bespreken. Dit vind ik altijd een fijn moment: als coördinator werk je veel zelfstandig, maar door deze overleggen blijf je toch als collega’s met elkaar verbonden. Ook is dit een mooi moment om met collega’s te sparren of om feedback te vragen. Ik werk nu een paar maanden bij Markant, en kom nog geregeld dingen tegen die nieuw voor mij zijn. Gelukkig zijn mijn collega’s erg behulpzaam en denken ze graag met me mee.

Na het teamoverleg beantwoord ik wat mailtjes en bel ik naar de mensen die hebben gereageerd op onze vrijwilligersvacatures. Ik stel wat verkennende vragen en nodig ze uit voor een kennismaking op kantoor. Het zijn hele uiteenlopende gesprekken – de ene een kersverse pensionado, de andere een geïmmigreerde student die haar sociale netwerk wil versterken. Allemaal hebben ze hun eigen, bijzondere reden om zich te willen inzetten voor een mede-Amsterdammer.

Huisbezoeken
Nadat ik de laatste afspraak heb ingepland, is het tijd voor de huisbezoeken. Ik pak mijn spullen en spring weer op de fiets. Het eerste bezoek is bij een nieuwe aanmelding: een oudere mevrouw die door haar kwetsbare gezondheid nog maar weinig buiten komt. Haar dochter helpt haar waar ze kan, maar door haar drukke baan en jonge gezin heeft ze hier steeds minder tijd voor. Tijdens de kennismaking valt me al gauw op dat mevrouw het moeilijk vindt om om hulp te vragen. “Ik wil niemand tot last zijn”, zegt ze, “mijn dochter doet al zo veel.” Samen verkennen we wat voor activiteiten zij met een vrijwilliger zou kunnen doen: samen wandelen, koffiedrinken, een spelletje spelen. Op den duur noemt mevrouw dat zij vroeger vaak naar de kringloopwinkel ging, en dat ze dit nu ontzettend mist. Hier haak ik op in – hoe leuk zou het zijn om dit samen met een vrijwilliger weer te gaan doen? Mevrouw knikt enthousiast. Zo weten we samen een mooie, passende hulpvraag op te stellen.

Luisterend oor
Na deze afspraak ga ik meteen door naar het volgende adres. Ik ga kennismaken met een meneer die tot voor kort via ons werd ondersteund door een stagiair. Meneer ontvangt mij samen met zijn partner. We beginnen het gesprek over hun wensen voor een nieuwe vrijwilliger, maar al gauw merk ik dat de partner veel behoefte heeft om te spuien over het mantelzorgen. Hij vertelt dat hij het soms moeilijk vindt om tijd voor zichzelf te nemen en de zorg voor zijn partner even los te laten. Ik probeer zo veel mogelijk een luisterend oor te zijn, en hem de ruimte te geven om zijn frustraties en emoties te delen.

Als ik hem vraag of er iets is dat hem, naast een nieuwe vrijwilliger, opluchting zou bieden, geeft hij aan dat hij het fijn zou vinden om af en toe in gesprek te gaan met mensen die hetzelfde doormaken als hij. Samen kijken we naar de activiteitenagenda van Markant, waar verschillende lotgenotengroepen en verwendagen in gepland staan. Meneer lijkt voorzichtig enthousiast, dus geef ik aan dat hij nu niks hoeft te beslissen. We spreken af dat ik later in de week nog een keertje bel, om verdere vragen te beantwoorden en eventueel te helpen met het inschrijven voor een activiteit.

Mooi bericht
Als ik weer terug naar mijn fiets loopt, gaat mijn telefoon. Het is een vrijwilliger, die ik de week ervoor heb gekoppeld aan een familie. Dit vond ik best spannend, het was namelijk mijn eerste koppeling. Hij vertelt dat hij vandaag voor het eerst langs is geweest, en dat het heel goed is gegaan. Ze hebben samen gewandeld en in het park een kopje koffie gedronken. “We hebben meteen een nieuwe afspraak ingepland”, zegt hij trots. En die trots voel ik ook: mijn eerste koppeling is een succes. Een mooi bericht om mijn werkdag mee af te sluiten.”